Get Certified SQL+AI (DP-800): Design and Develop SQL Solutions Like a Pro
Microsoft ReactordutchenpublicupdatedRead in about 6 minutes instead of watching 63 minutes.
Introductie en examencontext
- De sessie wordt geopend met praktische afspraken, chatmoderatie en de melding dat de opname later on demand beschikbaar is.
- Jeff Taylor en Oliver Wastynland introduceren zichzelf als Microsoft Data Platform MVP’s en sprekers binnen de SQL- en datacommunity.
- De DP-800-sessie behandelt het ontwerpen en ontwikkelen van SQL-oplossingen, met onderwerpen zoals databaseobjecten, programmability, geavanceerde T-SQL en AI-ondersteunde ontwikkeling.
- De sprekers melden dat het DP-800-examen algemeen beschikbaar is geworden en gericht is op ervaren SQL-professionals die databases en AI combineren.
- DP-800 draait om SQL-expertise, moderne deploymentpraktijken, samenwerking met andere rollen en AI-enabled databaseontwerp.
Databaseobjecten ontwerpen
- Bij platformkeuze moet je workloadbehoeften afwegen tussen SQL Server on-premises, Docker, Azure SQL Database, Managed Instance en Fabric SQL Database.
- Goed tabelontwerp begint met passende datatypes, juiste kolomgroottes, normalisatie tot derde normaalvorm en selectieve denormalisatie voor zware workloads.
- Elke tabel hoort een primaire sleutel te hebben, omdat SQL Server die gebruikt voor identificatie en vaak voor efficiënte toegang via clustered indexes.
- Kies datatypes bewust: gebruik bijvoorbeeld int waar bigint niet nodig is, datetime2 met passende precisie en decimal in plaats van float voor financiële precisie.
- SQL Server ondersteunt verschillende tabeltypes, zoals in-memory, temporal, external, ledger en graph tables, elk met eigen sterke toepassingen.
- Temporal tables zijn nuttig voor versiehistorie en herstel na foutieve updates of deletes zonder juiste filtervoorwaarden.
- External tables maken query’s mogelijk op externe opslag zoals Azure Blob, Data Lake, S3 of Oracle zonder data eerst te verplaatsen.
- Ledger tables bieden cryptografisch controleerbare gegevens voor audit-, logging- of financiële scenario’s.
- Graph tables gebruiken nodes en edges om relaties te modelleren, bijvoorbeeld voor sociale netwerken of fraudedetectie.
Indexen, constraints en JSON
- Indexen zijn een van de belangrijkste manieren om tabellen te optimaliseren; clustered indexes bepalen de fysieke sorteervolgorde en non-clustered indexes versnellen lookups.
- Columnstore indexes passen vooral bij analytische workloads, terwijl filtered, full-text, JSON- en vector-indexen specifieke querypatronen ondersteunen.
- Indexeer vooral kolommen die vaak in WHERE-, JOIN- en ORDER BY-clausules voorkomen, en gebruik INCLUDE voor kolommen die wel nodig zijn maar niet ideaal als indexsleutel.
- Constraints bewaken dataintegriteit via primary keys, foreign keys, unique constraints, check constraints en default constraints.
- Check constraints kunnen regels afdwingen zoals een salaris groter dan nul, terwijl default constraints automatisch waarden zoals een insertiedatum kunnen invullen.
- SQL Server 2025 voegt JSON-ondersteuning toe met een JSON-datatype, functies voor parsing en transformatie, en JSON-indexen zonder computed columns.
Sequences, partitionering en views
- Sequences geven meer controle over nummergeneratie dan identity columns, bijvoorbeeld bij imports tussen ontwikkel-, test- en productieomgevingen.
- Partitionering gebruikt een partition function en partition scheme om grote tabellen, bijvoorbeeld met miljarden rijen, beter te beheren en te versnellen.
- Indexen moeten met de partitionering worden uitgelijnd om problemen bij verplaatsen, switchen of onderhouden van partities te voorkomen.
- Partition switching kan grote datablokken snel archiveren of verplaatsen, en indexonderhoud kan per partitie de onderhoudsperiode verkleinen.
- Views zijn virtuele tabellen die toegang vereenvoudigen, beveiliging kunnen ondersteunen en schemawijzigingen kunnen abstraheren.
- Standard views, indexed views en partitioned views hebben verschillende toepassingen; indexed views slaan resultaten fysiek op en zijn nuttig bij zware aggregaties.
- Gebruik schema binding om ongewenste wijzigingen aan basistabellen te voorkomen en vermijd SELECT * in views.
- SELECT * kan onnodig veel data ophalen en prestaties verslechteren; selecteer in productie alleen de kolommen die je echt nodig hebt.
Stored procedures, functies en triggers
- Stored procedures kapselen server-side logica in en ondersteunen inputparameters, outputparameters, return values, temp tables en dynamische SQL.
- Dynamische SQL kan krachtig zijn, maar maakt debugging lastiger en kan beveiligingsrisico’s geven als het verkeerd wordt gebruikt.
- Voor paging of subsets kan OFFSET efficiënter zijn dan TOP, vooral in nieuwere SQL Server-versies.
- TRY-CATCH, transacties, EXECUTE AS en SET NOCOUNT ON zijn belangrijke technieken voor robuustere stored procedures.
- Parameter sniffing kan stored procedure-prestaties beïnvloeden doordat een gecachet queryplan niet goed past bij latere parameterwaarden.
- Scalar functions retourneren één waarde, terwijl table-valued functions een tabelresultaat teruggeven.
- Triggers bestaan als DML-, DDL- en logon-triggers, maar triggerlogica moet minimaal blijven en nested triggers moeten worden vermeden.
- Temporal tables zijn vaak een beter alternatief dan triggers voor auditing.
Geavanceerde T-SQL
- CTE’s kunnen helpen bij filtering, aggregatie, deduplicatie en statements zoals SELECT, INSERT, UPDATE en DELETE, maar recursion en gestapelde CTE’s vereisen zorgvuldige tests.
- Window functions zoals LEAD, LAG, RANK en ROW_NUMBER maken analyses binnen partities mogelijk en kunnen complexe joins of subqueries vervangen.
- JSON- en XML-functies maken het mogelijk om data direct als gestructureerde objecten uit SQL Server te produceren, lezen, wijzigen en valideren.
- SQL Server 2025 introduceert native regular expressions voor zoeken, filteren en teksttransformaties in T-SQL.
- Fuzzy string matching helpt bij datakwaliteit en opschoning door vergelijkbare waarden te detecteren via afstands- en similariteitsfuncties.
- Graph queries gebruiken node- en edge-tabellen om relaties te vinden en kunnen nuttig zijn bij sociale netwerken, fraudeanalyse en relationele verkenning.
- TRY-CATCH-blokken helpen SQL- en waardefouten af te vangen, onder meer in stored procedures.
AI-ondersteunde databaseontwikkeling
- GitHub Copilot kan in SQL Server Management Studio 2022 en VS Code helpen met code completion, query-uitleg, debugging en optimalisatievoorstellen.
- AI-resultaten moeten altijd gecontroleerd worden, omdat AI kan hallucineren of onjuiste suggesties kan geven.
- Fabric Copilot for SQL biedt een chatpaneel voor natuurlijke taalvragen, T-SQL-generatie, documentatie, queryfixes en query-uitleg.
- MCP is een open protocol waarmee AI-clients via tools zoals list tables, read data en execute query veilig met databases kunnen interacteren.
- De kracht ontstaat door Copilot, MCP, Fabric, role-based access control en instructiebestanden samen in een ontwikkelworkflow te gebruiken.
- AI-gegenereerde SQL moet worden gereviewd vóór productie, en AI-agents starten bij voorkeur met read-only toegang.
Keuzegids en voorbereiding
- Gebruik in-memory OLTP bij hoge OLTP-throughput met latch contention, ledger tables voor audit en compliance, external tables voor externe opslag, graph tables voor complexe relaties en views voor herbruikbare read-only lagen.
- Gebruik regexfuncties voor complexe tekstpatronen, Copilot voor AI-ondersteund authoring en MCP met Data API Builder en RBAC voor AI-agentoperaties.
- De kernboodschap is dat SQL Server breed inzetbaar is en dat table types, indexen, stored procedures, functies, CTE’s, window functions en AI-tools bewust bij de workload moeten passen.
- SQL Server 2025 voegt belangrijke mogelijkheden toe zoals native regex, fuzzy matching en een nieuw JSON-datatype.
- GitHub Copilot, Fabric Copilot en MCP kunnen ontwikkeling versnellen, maar moeten binnen bestaande beveiligings- en reviewprocessen worden gebruikt.
- De afsluiting raadt aan om de DP-800-study guide, Microsoft Learn-modules, hands-on T-SQL-oefening en practice assessments te gebruiken.
Actiepunten
- Lees de gedragscode en houd de chat professioneel en on topic.
- Plaats vragen voor de sprekers in de chat.
- Bekijk de DP-800-study guide via aka.ms/dp800/prepare.
- Oefen hands-on met T-SQL ter voorbereiding op DP-800.
- Voltooi de beschikbare Microsoft Learn-modules en andere voorbereidingsbronnen.
- Maak indien mogelijk een practice assessment en plan daarna het examen.
- Registreer je voor de overige sessies in de reeks of bekijk ze on demand.
- Overweeg deelname aan het SQL user panel om feedback aan Microsoft te geven.
- Sluit je aan bij een lokale of online Azure Data User Group.
- Bekijk de Data Days-informatie via ak.ms/datadays.