Open YouTube

2026-06-24 - Wet Bijmengverplichting groen gas

Debat Indirectdutchnlpublicupdated

Read in about 5 minutes instead of watching 133 minutes.

Opzet en eerste blok

  1. De commissie bespreekt de Wet bijmengverplichting groen gas in drie blokken: uitvoerbaarheid en marktwerking, productie en vergunningverlening, en kosten en alternatieven.
  2. VertiCer licht toe dat garanties van oorsprong al worden gebruikt voor ETS en vervoer en ook geschikt zijn voor de bijmengverplichting, mits dezelfde werkwijze wordt gevolgd.
  3. VertiCer waarschuwt voor dubbele informatie-eisen en pleit ervoor garanties van oorsprong zonder extra nationale bepalingen Europees verhandelbaar te houden.

Rol van groen gas

  1. Gasunie stelt dat groen gas aardgas kan vervangen via bestaande infrastructuur, nuttig is voor industrie en gebouwde omgeving, en druk op het elektriciteitsnet kan verlichten.
  2. Groen gas draagt volgens Gasunie bij aan leveringszekerheid, omdat het inzetbaar is wanneer zon en wind niet beschikbaar zijn.
  3. De NVDE noemt groen gas een belangrijke schakel in een duurzamer en onafhankelijker energiesysteem, mede doordat Nederlandse reststromen kunnen worden benut.
  4. Mestvergisting kan volgens de NVDE stikstofreductie opleveren en binnen tien jaar een groot deel van de meststroom omzetten in groen gas en organische meststoffen.

Investeringszekerheid

  1. Gasunie en NVDE benadrukken dat een stabiel, ambitieus en langjarig wettelijk kader nodig is om investeringen los te krijgen.
  2. Meerdere sprekers vinden een horizon tot 2031 of 2035 onvoldoende, omdat investeerders vaak naar termijnen van vijftien jaar of langer kijken.
  3. Er wordt gepleit voor duidelijkheid richting 2040, eventueel via een wettelijk vastgelegd minimumvolume of oplopend pad.

Vergunningen en aanbod

  1. De NVDE stelt dat vraagcreatie alleen werkt als ook aanbod mogelijk wordt gemaakt via voldoende SDE-budget, ruimte en vergunningverlening.
  2. Veel groen-gasprojecten lopen vertraging op door stikstofregels en vergunningprocedures, terwijl ze later juist stikstofreductie kunnen opleveren.
  3. De NVDE pleit voor een pragmatische vrijstelling wanneer een project meer stikstof reduceert dan de bouw ervan veroorzaakt.
  4. LTO stelt dat boeren willen bijdragen, maar vastlopen op netaansluitingen, vergunningen, draagvlak en onzekerheid over het verdienmodel.
  5. Volgens LTO stimuleert de bijmengverplichting vooral de vraag, terwijl de productie op boerenerf pas groeit als randvoorwaarden op orde zijn.

Subsidie en marktwerking

  1. LTO verwacht dat boeren eerder kiezen voor de SDE++-route dan voor maandelijkse deelname aan de bijmengmarkt, omdat SDE++ meer zekerheid biedt voor financiering.
  2. LTO waarschuwt dat gas uit SDE++-projecten niet meetelt voor de bijmengverplichting, waardoor de wet mogelijk vooral import stimuleert als binnenlandse productie achterblijft.
  3. Platform Groen Gas stelt juist dat er voldoende bestaand vermogen en projecten in de pijplijn zijn om het doel voor 2030 te halen, mits beleid duidelijk wordt.
  4. CE Delft stelt dat SDE++ alleen onvoldoende trekkracht heeft om het groen-gaspotentieel te realiseren en dat vraagcreatie via de bijmengverplichting nodig is.

Import en Europees speelveld

  1. Gasunie benadrukt dat groen gas zich ontwikkelt op een Europese markt en dat CO2-reductie van geïmporteerd groen gas moet meetellen in het land van gebruik.
  2. Sprekers verschillen in nadruk: sommigen zien import als nuttig voor Europese strategische autonomie, terwijl anderen vrezen dat Nederlands geld naar buitenlandse producenten vloeit.
  3. VertiCer stelt dat er een Europees auditsysteem bestaat voor garanties van oorsprong, maar erkent dat toezicht nooit elk risico volledig uitsluit.
  4. Platform Groen Gas ziet een aandachtspunt bij investeringssubsidies in andere landen, omdat die moeilijker uit te sluiten zijn dan exploitatiesubsidies.

Kosten voor huishoudens

  1. Vereniging Eigen Huis en de Consumentenbond waarschuwen dat de bijmengverplichting de energierekening verhoogt en bovenop andere kosten komt, zoals ETS2 en stijgende netbeheerkosten.
  2. Zij vragen om integraal inzicht in alle toekomstige energiekosten en om een norm of visie op wat voor huishoudens betaalbaar blijft.
  3. Energie Nederland erkent dat groen gas voorlopig duurder is en schat de meerkosten in 2031 op ongeveer 80 tot 110 euro per jaar per huishouden.
  4. CE Delft noemt de geraamde kosten beperkt ten opzichte van geopolitieke gasprijsschokken, maar benadrukt dat kwetsbare huishoudens apart ondersteund moeten worden.

Glastuinbouw en mkb

  1. Glastuinbouw Nederland stelt dat groen gas kansen biedt, maar dat de huidige bijmengverplichting hoge kosten op ondernemers en huishoudens afwentelt.
  2. De glastuinbouw verwacht dat de kosten in 2031 kunnen oplopen tot 181 miljoen euro per jaar voor de sector, met forse kostenstijgingen voor individuele telers.
  3. De sector waarschuwt dat extra kosten het internationale concurrentievermogen verzwakken en dat WKK-installaties, belangrijk voor netbalancering, minder inzetbaar kunnen worden.
  4. Glastuinbouw Nederland wijst erop dat de sector al een eigen CO2-systeem heeft en vreest stapeling met ETS2 en de bijmengverplichting.

Alternatieven en betaalbaarheid

  1. Energie Nederland vindt gerichte steun voor kwetsbare huishoudens beter dan generieke compensatie of het schrappen van de bijmengverplichting.
  2. CE Delft pleit voor isolatieprogramma’s en energiebesparing om energiearmoede, aardgasafhankelijkheid en CO2-uitstoot tegelijk te verminderen.
  3. Energie Nederland noemt structureel beleid, noodfondsen en versnelling van energiebesparing in vooral slecht geïsoleerde woningen belangrijk voor kwetsbare huishoudens.
  4. Sprekers zijn het er breed over eens dat groen gas niet los kan worden gezien van bredere keuzes over netcapaciteit, leveringszekerheid, betaalbaarheid en fossiele afbouw.

Actiepunten

  1. Laat de bijmengverplichting per 1 januari 2027 ingaan.
  2. Verhoog de volumeambitie, zeker omdat Europese import meetelt.
  3. Bied langjarige zekerheid richting 2040.
  4. Creëer een gelijk speelveld binnen Europa waarbij CO2-reductie van geïmporteerd groen gas meetelt in het land van gebruik.
  5. Stem rapportagetermijnen tussen NEA en VertiCer goed op elkaar af.
  6. Maak vergunningverlening voor groen-gasinstallaties sneller, met een streeftermijn van maximaal twee jaar.
  7. Maak eerst de randvoorwaarden voor binnenlandse productie op orde: netaansluitingen, vergunningen en een zeker verdienmodel.
  8. Stel de bijmengverplichting niet langer uit en voer deze zo snel mogelijk in per 1 januari 2027.
  9. Vraag het kabinet om integraal inzicht te geven in de cumulatieve ontwikkeling van de energierekening.
  10. Houd de mogelijkheid open om tarieven later te heroverwegen zodra het integrale kostenbeeld beschikbaar is.
  11. Leg ten minste een minimumniveau voor de bijmengverplichting richting 2040 vast om investeringszekerheid te bieden.
  12. Zet sterker in op isolatie en energiebesparing bij huishoudens die hun energierekening moeilijk kunnen betalen.