2026-07-01 - Openbaar verhoor Jaap van Dissel
Debat IndirectdutchnlpublicupdatedRead in about 5 minutes instead of watching 228 minutes.
Opening en doel
- De commissie opent het tweede openbare verhoor met Jaap van Dissel over concrete coronamaatregelen zoals de avondklok, het coronatoegangsbewijs en mondkapjes.
- Van Dissel legt de belofte af om de waarheid te spreken.
Strategieën begin pandemie
- Van Dissel beschrijft containment via bron- en contactonderzoek als de aanvankelijke strategie, gebaseerd op eerdere SARS-ervaringen.
- Hij onderscheidt lockdown als vrijwel alle contacten beperken, uitrazen als niets doen, en gecontroleerd uitrazen als maatregelen nemen zonder te streven naar nul besmettingen.
- Volgens Van Dissel was volledige maakbaarheid van een exponentieel verspreidend luchtwegvirus beperkt, maar konden pieken wel worden gedrukt en uitgesmeerd tot vaccinatie beschikbaar kwam.
Groepsimmuniteit en IC-capaciteit
- Van Dissel zegt dat het begrip kudde-immuniteit te vroeg en te simpel in de communicatie is terechtgekomen en neemt daarvoor verantwoordelijkheid.
- Hij stelt dat gecontroleerd uitrazen niet bedoeld was als sturen op maximale IC-bezetting of code zwart; 2000 IC-bedden achtte hij onrealistisch.
- IC-capaciteit speelde wel een rol als grens en risicomaat in scenario’s, maar modellen waren volgens hem scenario’s met onzekerheden, geen voorspellingen.
Regionale avondklok
- In september 2020 zag het OMT een regionale avondklok als mogelijke maatregel om mobiliteit en waterbedeffecten rond regionale sluitingen te beperken.
- Van Dissel benadrukt dat een avondklok juridisch en maatschappelijk zwaar was vanwege inperking van grondrechten en onzeker effect.
- Het OMT vond regionale aanpak lastig uitvoerbaar, maar noemde de avondklok als optie omdat andere regionale beperkingen gemakkelijk konden worden omzeild.
Landelijke avondklok
- Door de opkomst van de alfavariant, hoge zorgbelasting en een reproductiegetal rond één trok het OMT aan de bel en kwam er een spoedadviesvraag.
- Het OMT baseerde het advies op internationale ervaringen, studies, modelscenario’s en de verwachting dat een avondklok de R-waarde met ongeveer 8 tot 13 procent kon verlagen.
- Van Dissel erkent onzekerheden, maar zegt dat een klein effect belangrijk kon zijn omdat avondcontacten onder jongere groepen relatief veel transmissie konden veroorzaken.
- Over de verlenging zegt hij dat het OMT achteraf duidelijker had moeten aangeven bij welke waarden de avondklok kon stoppen.
Coronatoegangsbewijs
- Van Dissel beschouwt het CTB als voortgekomen uit een Europees 3G-systeem voor reizen, later nationaal gebruikt om activiteiten met minder risico te openen.
- Hij noemt het CTB geen bestrijdingsmaatregel maar een risicoreducerende openingsmaatregel met epidemiologische componenten.
- De effectiviteit was volgens hem complex en afhankelijk van testen, vaccinatie, doorgemaakte infectie, varianten en prevalentie.
- Het OMT had discussie over het loslaten van de 1,5 meter; Van Dissel was daar persoonlijk terughoudend over, maar het uiteindelijke advies koos breder voor CTB met versoepelingen.
2G-discussie
- Bij het 2G-advies ontstond kritiek van OMT-leden omdat de verdeeldheid en onzekerheid onvoldoende in de brief waren weergegeven.
- Van Dissel erkent dat de formulering over 2G te kort door de bocht was en dat een latere uitgebreide uitwerking de discussie beter weergaf.
- Hij zegt persoonlijk geen voorstander te zijn van vaccinatiedwang en wijst op maatschappelijke breuklijnen en mensen die niet gevaccineerd konden worden.
- Volgens Van Dissel bleef de keuze voor 2G uiteindelijk een politieke afweging, terwijl het OMT vooral epidemiologische effecten moest doorrekenen.
Complexiteit maatregelen
- Van Dissel herkent de kritiek dat maatregelen onlogisch en complex werden, doordat steeds meer specifieke sectorale belangen en uitzonderingen meespeelden.
- Hij zegt dat het OMT herhaaldelijk pleitte voor duidelijke basisregels, maar dat naleving en politieke wensen de maatregelen steeds ingewikkelder maakten.
Kritici en externe input
- Over het gesprek met Maurice de Hond zegt Van Dissel dat er standpunten over aerosolen zijn uitgewisseld, maar dat dit niet leidde tot een ander OMT-inzicht.
- Het gesprek met het Red Team was volgens hem vooral een uitwisseling; intensievere samenwerking werd niet zinvol geacht omdat het Red Team juist onafhankelijk advies gaf.
- Van Dissel benadrukt dat het OMT iteratief werkte en inzichten aanpaste op basis van nieuwe kennis, zoals over ventilatie, asymptomatische transmissie en varianten.
Aerosolen en ventilatie
- Van Dissel legt uit dat het OMT COVID-19 vooral als druppelinfectie beoordeelde, met aerosolen mogelijk relevant in specifieke omstandigheden.
- Hij zegt dat het OMT aerosolen niet ontkende, maar onvoldoende epidemiologisch bewijs zag om ventilatie boven basismaatregelen als isolatie, quarantaine en afstand te plaatsen.
- Ventilatie werd volgens hem wel vaak genoemd en hoort bij risicoreductie, maar niet als vervanging van andere maatregelen.
- Hij vindt dat ventilatie eerder zichtbaar aan de basismaatregelen had mogen worden toegevoegd.
Mondkapjes
- Van Dissel benadrukt dat het OMT niet tegen mondkapjes als zodanig was, maar keek naar epidemiologisch bewijs voor gebruik in de publieke ruimte.
- Volgens hem was de toegevoegde waarde in de zomer van 2020 bij lage prevalentie beperkt, zeker vergeleken met thuisblijven bij klachten en quarantaine.
- Het OMT adviseerde mondkapjes wel in situaties met korte afstand of restrisico, zoals zorg, openbaar vervoer, horeca en contactberoepen.
- Vanaf december 2020 werd het gebruik logischer door hogere prevalentie en nieuwe varianten; Van Dissel noemt de verplichting uiteindelijk een politiek besluit.
Wetenschap, politiek en media
- Van Dissel vindt dat OMT-adviezen te sterk gepolitiseerd raakten en dat het onderscheid tussen wetenschappelijk advies, bestuurlijke afweging en politiek besluit duidelijker had moeten zijn.
- Hij noemt het schadelijk dat OMT-adviezen in media en politiek vaak aan personen werden gekoppeld, wat polarisatie en bedreigingen kon versterken.
- Hij vindt dat OMT-leden in media soms verschillende rollen vermengden, bijvoorbeeld als OMT-lid en als vertegenwoordiger van een beroepsgroep.
Scholensluiting
- Van Dissel zegt dat hij in maart 2020 tot het laatst probeerde scholen open te houden en furieus was over de open brief van medisch specialisten die sluiting bepleitte.
- Hij voelde zich buitenspel gezet doordat de politiek volgens hem al had besloten de scholen te sluiten voordat hij in het Catshuis arriveerde.
Afsluiting
- Van Dissel benadrukt dat adviseurs beschermd moeten worden, zodat wetenschappers ook in toekomstige crises bereid blijven publiek advies te geven.
- De voorzitter sluit het verhoor en kondigt het volgende openbare verhoor met mevrouw Schipper-Spanninga aan.