More

2026-09-21 - Wetsvoorstel veilige havenregels Wet minimumbelasting

Debat Indirectdutchnlpublicupdated

Read in about 2 minutes instead of watching 25 minutes.

Achtergrond en werking

  1. Het wetsvoorstel verwerkt vier veiligehavenregels uit het internationale side-by-sidepakket van 5 januari 2026 in de Wet minimumbelasting 2024.
  2. De mondiale minimumbelasting moet winstverschuiving en belastingconcurrentie beperken en geldt voor groepen met minimaal 750 miljoen euro omzet, met een effectief minimumtarief van 15 procent.
  3. Bijheffing kan plaatsvinden via een binnenlandse bijheffing, de inkomen-inclusiemaatregel bij de moedermaatschappij of de onderbelastewinstmaatregel bij andere groepsentiteiten.

Vier veiligehavenregels

  1. De vereenvoudigde effectievebelastingtariefregel vermindert administratieve lasten door financiële verslaggevingscijfers met minder correcties te gebruiken; bij een tarief van minstens 15 procent vervallen de uitgebreide berekening en bijheffing.
  2. Deze vereenvoudiging geldt standaard voor verslagjaren vanaf 31 december 2026, met een voorwaardelijke keuze voor toepassing vanaf 31 december 2025.
  3. De veilige haven voor kwalificerende equivalente minimumbelastingstelsels zet de inkomen-inclusie- en onderbelastewinstbijheffing op nihil, maar laat een kwalificerende binnenlandse bijheffing intact.
  4. De veilige haven voor de uiteindelijke moederentiteit beperkt de onderbelastewinstmaatregel voor activiteiten in het land van de moeder, mits daar vóór 1 januari 2026 een kwalificerend binnenlands stelsel bestond.
  5. De vierde regel behandelt bepaalde fiscale stimulansen voor reële economische activiteiten gunstiger door het relevante belastingbedrag in de berekening te verhogen.
  6. Uitgaven- of productiegebonden regelingen kunnen kwalificeren; inkomensgebonden voordelen zoals de innovatiebox niet. De EIA, MIA en KIA voldoen volgens de briefing wel.

Internationale kwalificatie

  1. Het Inclusive Framework beoordeelt of nationale stelsels aan de criteria voldoen; momenteel staat alleen de Verenigde Staten in het centrale register.
  2. Andere landen kunnen tot en met 2028 een verzoek om kwalificatie als equivalent stelsel indienen.
  3. In het gegeven voorbeeld blijven binnenlandse bijheffingen gelden, terwijl bij een Amerikaanse uiteindelijke moeder de inkomen-inclusie- en onderbelastewinstmaatregel niet worden toegepast.

Budgettaire gevolgen

  1. De geraamde Nederlandse budgettaire derving bedraagt circa 106 à 107 miljoen euro.
  2. Ongeveer twee derde tot drie kwart van de derving hangt samen met de equivalente behandeling van de Verenigde Staten; het resterende deel komt vooral door de gunstigere behandeling van fiscale stimulansen.
  3. Van de andere twee regels worden nauwelijks budgettaire effecten verwacht; de vereenvoudigingsregel is bedoeld voor lastenverlichting en niet voor extra opbrengsten.

Wetgeving en parlementaire positie

  1. Niet-aanneming kan leiden tot afwijkende toepassing tussen landen, onzekerheid voor bedrijven en mogelijke spanning met de EU-richtlijn, die aansluiting bij nieuwe internationale richtsnoeren verlangt.
  2. Een Nederlandse wettelijke basis moet bedrijven en de Belastingdienst duidelijkheid geven over de toepassing van de omvangrijke internationale afspraken.
  3. Nieuwe administratieve richtsnoeren zullen waarschijnlijk periodiek tot verdere aanpassingen van de Wet minimumbelasting leiden.